In de serie Expertise geven we aandacht aan de verschillende expertises die De Twentse Zorgcentra in huis heeft. Eén voor één worden de diverse groepen behandelaren voorgesteld. Deze keer geen vakgroep aan het woord, maar de manager van deze behandelaren: John Keunen.

Lees verder

John’s wens: Meer verbinding door samen te leren

John Keunen is sinds 1 januari 2019 werkzaam bij De Twentse Zorgcentra als manager Behandeling. Tien vakgroepen vallen onder zijn hoede. Maar als je met hem praat, valt direct de passie op die hij heeft voor iedereen binnen de organisatie.

Je werkt nu een paar maanden bij De Twentse Zorgcentra; bevalt het?

“Ik heb het hier enorm naar mijn zin. Ik woon in de buurt van Nijmegen, niet echt om de hoek, maar ik rij hier altijd met plezier naartoe. Dat komt vooral door de mensen die hier werken; betrokken en gedreven mensen met passie voor hun vak. Dat geeft mij de energie die nodig is als ik mij vanuit mijn hart wil verbinden aan een organisatie.”

Wat maakt het fijn om hier te werken?

“De Twentse Zorgcentra is in ontwikkeling. Er moet nog veel opgebouwd worden en het is leuk om daar een bijdrage aan te leveren. De organisatie werkt vanuit zelforganisatie; iets waar ik in geloof. En nee, dat is niet hetzelfde als zelfsturing. Bij zelfsturing staan teams zelf aan het roer en bepalen ze zelf de richting. Zelforganisatie betekent dat je binnen gemeenschappelijk vastgestelde kaders, de werkzaamheden zelfstandig organiseert. De koers is helder, leiderschap is duidelijk vormgegeven. Zo ontstaat er verbinding binnen de organisatie. Een organisatie zonder duidelijke kaders is richtingloos en een organisatie zonder verbindend leiderschap is stuurloos.”

Wat houdt jouw functie van manager Behandeling in?

“Ik geef leiding aan de afdeling Behandeling, waar tien vakgroepen onder vallen: de artsen, gedragskundigen, praktijkverpleegkundigen, fysiotherapeuten, ergotherapeuten, logopedisten, diëtisten, vaktherapeuten, psychodiagnostisch medewerkers en geestelijke verzorgers. Als generalist verbind ik deze specialisten met elkaar, met de teams en met de locaties. Want ik geloof in interdisciplinair samenwerken. Dat verhoogt de deskundigheid, maakt dat er minder fouten worden gemaakt en zorgt voor meer tevredenheid onder cliënten.

Ik maak ook deel uit van het managementteam, waar veel nagedacht wordt over de koers en de strategische agenda van de organisatie; het is belangrijk om samen na te denken waar je als organisatie naartoe wilt en welk verhaal je wilt uitdragen. Onze missie is ‘Jouw leven ondersteunen we samen, dichtbij en deskundig’: dan moeten we ook samen, dichtbij en deskundig zíjn. Daarom ga ik regelmatig op werkbezoek of schuif ik aan bij bijeenkomsten, om zo verbinding te houden en dichtbij te zijn.”

Je hebt besloten om zeker vijf jaar verbonden te zijn aan deze organisatie; wat is je doel?

“Toen ik hier achttien dagen werkte, heb ik de balans opgemaakt. Ja, dat is mooi op tijd. Ik merkte namelijk dat iedereen als het ware ‘overal en nergens’ mee bezig was. De intenties waren goed maar het schoot alle kanten op. Er moest structuur komen, plannen moesten een kop en een staart krijgen. Ook moest het helder zijn wie waarvoor eindverantwoordelijk is en konden samenwerkingen vloeiender verlopen. Daarom hebben we een ondersteuningsprogramma ontwikkeld dat later dit jaar geïmplementeerd wordt.”

Vertel daar eens wat meer over;
wat houdt dat ondersteuningsprogramma in?

“Met dit programma geven we de ondersteuningsvraag van de cliënt vorm. Het laat zien welke doelgroepen er zijn binnen De Twentse Zorgcentra en welke competenties medewerkers nodig hebben om cliënten goed te ondersteunen. Verschillende klankbordgroepen hebben al meegedacht en dit najaar zijn er werkconferenties waarbij we in gesprek gaan met teams. Hoe kijken zij naar hun locatie en cliënten, welke competenties zijn er nodig en missen ze nog, hoe willen ze de methodieken LACCS of Triple-C gaan inzetten? We willen het samen vormgeven, en ook dat past binnen de visie. Het ondersteuningsprogramma is voor iedereen die hier werkt en is helder geschreven. Er staan ook Twentse uitspraken in om bepaalde woorden een eigen Twentse kleur te geven. Zo verduidelijkt de zin ‘noaberschap met noaberplicht’ het woord ‘saamhorigheid’ en is het woord ‘eigenheid’ vertaald met ‘elk vogeltje zingt zoas ’t bekt is’. Met dit ondersteuningsprogramma weet ik zeker dat we ons als organisatie onderscheiden.”

Wat vind jij belangrijk voor
De Twentse Zorgcentra?

“We zijn een lerende organisatie. Daarmee bedoel ik dat we sámen leren. Het samen zoeken naar antwoorden, samen leren en ontdekken; dat vind ik heel belangrijk om te blijven uitdragen. Zo krijgen we verbinding. Daarom ook de werkconferenties en niet lang geleden een openbare MT-vergadering tijdens een bijeenkomst. Als management hebben we dezelfde vragen als anderen. Als teams de onderdelen ‘samen’ en ‘dichtbij’ niet ervaren, dan hoop ik dat te horen. We kunnen het niet alleen. Laat van je horen en praat mee.”

Like dit artikel | 150

Video
Delen

Uw naam

E-mail

Naam ontvanger

E-mail adres ontvanger

Uw bericht

Verstuur

Share

E-mail

Facebook

Twitter

LinkedIn

Contact

Verstuur

Aanmelden